Donderdag 23 juni, is voor de Rechtbank Arnhem gebleken dat de Tweede Kamer zich bij het Ritueel slachten dossier heeft gebaseerd op onderzoeken die niet zijn vervaardigd door de Wageningen Universiteit, zoals is gesteld, maar door een geprivatiseerd rijksinstituut. De belangrijkste opsteller van het rapport is geen werknemer van de universiteit maar van een stichting. De rechter sprak van een ‘een puzzel van rechtspersonen’ en ‘een paraplu van organisaties’.
Inzet van het Kort Geding dat door het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap en de Joodse Gemeente Amsterdam was aangespannen tegen vier rechtspersonen rond Wageningen Universiteit, de KNMvD en de Staat, was om duidelijkheid te krijgen over twee rapporten die in 2008 door de minister van Landbouw en in 2010 door de Staatssecretaris van Landbouw aan de Tweede Kamer zijn gestuurd.
De weigering om vragen te beantwoorden heeft argwaan gewekt ten aanzien van het wetenschappelijk gehalte, de financiers van de onderzoeken, de herkomst van de rapporten en in hoeverre de rapporten op onafhankelijke wijze tot stand zijn gekomen.
Maar een pilotstudie
Ter zitting verklaarde de auteur van de twee rapporten dat één van de twee rapporten (rapport 398uit 2010) slechts een pilot betrof. Hij verklaarde er bij het ministerie er op te hebben aangedrongen dat vervolgonderzoek nodig was. Het Ministerie vond dat niet nodig, aldus de auteur.
Geen zuiver wetenschappelijk onderzoek
Ter zitting verklaarde de auteur ook dat dit rapport een strategisch gericht onderzoek is om iets te veranderen. Hij benadrukte dat dit geen zuiver wetenschappelijk onderzoek is.
Ook bleek dat de onderzoeksopdracht die het ministerie had gegeven en die ook als zodanig in het rapport vermeld staat, niet de uiteindelijke opdracht is geweest die tot het onderzoek heeft geleid. De opdracht zou, al hoewel dat uit het rapport niet blijkt, uiteindelijk betrekking hebben gehad op de wijze van fixeren van slachtdieren.
Geen slachtmethode volgens de joodse of islamitische ritus
Desgevraagd of de slachtmethode in rapport 398 de islamitische ritus betrof, zei de advocaat van Wageningen en de stichting DLO dat zulks niet het geval is geweest. Welke slachtmethode wel is toegepast bleef onbeantwoord. In Nederland is er maar 1 slachter voor de Israëlietische methode, die heeft het experiment niet uitgevoerd.
Samenvattend
- De rapporten zijn niet door de Wageningen Universiteit uitgevoerd maar door een vennootschap of stichting.
- De onderzoeken zijn niet uitgevoerd door een medewerker van de Universiteit Wageningen
- Er is geen sprake van zuiver wetenschappelijk onderzoek
- Er is geen slachtmethode onderzocht die volgens een religieuze rite werd uitgevoerd
- Er is door de Staatssecretaris geen melding gemaakt van bovenstaande zaken
- De rapporten 161en 398 zijn als wetenschappelijke onderlegger gebruikt bij de behandeling en beargumentering van het wetsvoorstel van Thieme om onbedwelmd slachten te verbieden. Gelet op bovenstaande, kan de wetenschappelijke waarde er van betwijfeld worden.
De rechter doet over twee weken uitspraak.
Pingback: Stemming ‘amendement Joodse Toekomst Nederland’ « Online Ook Joods