NIK gaat voor coalitions of the willing

Als op sociale media wordt gezegd dat het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap niet meer functioneert en dat bestuurders aan hun pluche vasthouden, merk je dat de fakenewsstroom ook Joods Nederland heeft bereikt. Het is tijd om te belichten wat het NIK wel is, wel doet en van welke betekenis het is.

Het NIK wordt bestuurd door een Centrale Commissie van 23 leden en een Permanente Commissie (bestuur) van tussen de vijf en zeven leden. Iedere vier jaar treden ze af. De bestuursperiode 2014-2018 is een bijzonder roerige. Daar zou je het liefst achter zetten: geweest. Helaas is dat niet het geval. De Centrale Commissie komt meestal twee keer per jaar bijeen. Vorig jaar zijn er twee extra vergaderingen geweest; die verliepen op z’n zachtst gezegd tumultueus. De laatste vergadering voor het einde van de bestuurstermijn was op woensdag 14 maart. Ook deze vergadering verliep stormachtig; zo stormachtig dat de agenda niet is afgewerkt, zelfs niet is begonnen en dat de voorzitter niet verder kwam dan agendapunt 1: opening en het laatste agendapunt: sluiting. Daartussen is verhit gedebatteerd en een motie aangenomen. Niet fraai voor het beeld van het NIK en vooral iets om heel snel achter ons te laten.

Lid of geen lid

In 2014 is een aantal speerpunten bepaald. Door de bestuurlijke perikelen is daarvan veel niet tot resultaat gekomen maar veel is ook wel bereikt. Bereikt voor de leden van het NIK, en voor diegenen die geen lid zijn maar wel van tijd tot tijd gebruik maken van de diensten die het NIK levert. Mensen die kosjer eten kopen, en wel of geen lid zijn. Kinderen die deelnemen aan een Tikwatenoe machanee (jeugdkamp) en wel of geen lid zijn. Kinderen die naar Joodse les gaan en gebruik maken van het NIK Jeled lesmateriaal. Naar sjoel gaan, de Sidoer of de Sjabbat Sidoer gebruiken, die een Brit Mila door een NIK mohel laten verrichten, deelnemen aan een seminar weekend, of het NIK aan hun zijde weten als er een probleem is met sjabbat en studie- of schoolverplichtingen. Mensen die de site van het NIK raadplegen, de Loeach gebruiken, die het NIK vragen om informatie, het zijn leden, niet-leden en soms zijn het niet-joden. Het NIK is niet niks, is wel eens opgemerkt en niet ten onrechte. Het NIK tooit zich met ‘NIK, mijn Jodendom’, omdat ongeacht de mate aan binding aan het Jodendom het NIK je biedt wat je voor jouw Jodendom nodig hebt. Het NIK is de Nederlandse pendant van de grootste Joodse stroming wereldwijd.

Voorbeeld van vernieuwing

De herstructurering van de Brit Mila, het aantreden van twee nieuwe mohalim en het introduceren van twee Verpleegkundig Brit Mila Specialisten, gecompleteerd met een nieuwe Adviescommissie Brit Mila is een voorbeeld van de vernieuwing die in deze bestuursperiode tot stand is gekomen.
De Brit hoort bij de wieg; Joodse begraafplaatsen vormen het graf. Het NIK heeft de zorg voor heel veel Joodse begraafplaatsen, of er nu veel of weinig leden zijn. Er is nieuw beleid ontwikkeld en vastgesteld. Daarnaast en op basis van dit nieuwe beleid zijn er op diverse plaatsen grote inspanningen gepleegd. Zoals in de provincie Groningen waar acht begraafplaatsen tegelijk onder handen worden genomen, of in het uiterste zuiden, in Gulpen waar door restauratie in een uiterst gecompliceerde situatie de begraafplaats voor overstroming is behoed. In Winschoten bleek zich nog een resterend gedeelte van een oude Joodse begraafplaats in het centrum van de gemeente te bevinden. Met grote inzet van opperrabbijn Jacobs van het IPOR is de situatie tot een naar zijn rabbinaal oordeel passende oplossing geleid. Leden die na 120 jaar niet op de begraafplaats van hun kehilla maar op een begraafplaats van het NIK willen worden begraven, wordt die mogelijkheid geboden. De interesse daarvoor is de laatste jaren toegenomen.

Sjechita gaat door

We werden geconfronteerd met de implementatie van nieuwe regelgeving voor de Sjechita. Een lastig proces dat door een team is behandeld in samenwerking met onder meer de NIHS en het Rabbinaat. De aandacht voor dierenwelzijn staat tegenwoordig hoog op de politieke en maatschappelijke agenda. In de ons omringende landen staat de Sjechita onder druk. In Nederland gaat de Sjechita door.

Maaltijd met ministers

Een van de doelstellingen was ook de externe belangenbehartiging te verbeteren en te professionaliseren. Dit is met name een taak van het Centraal Joods Overleg waarin het NIK zit. Het CJO is in de afgelopen drie jaar zichtbaarder geworden. Er zijn vaste contacten opgebouwd in Den Haag, ambtelijk, in het parlement en met bewindspersonen. Op 7 februari heeft in het Catshuis overleg plaatsgevonden tussen het CJO en het kabinet. Van de kant van het CJO was David Goudsmit, als vicevoorzitter van het CJO, aanwezig. Aan de kosjere maaltijd zat het CJO met de minister-president en vier ministers. Dat zoveel bewindspersonen aan de bespreking deelnamen is beslist uitzonderlijk en een duidelijke indicatie dat aan het CJO veel waarde wordt gehecht. Binnenkort komt een van die ministers naar een van onze kehillot.

Outreach

De afgelopen drie jaar is hard gewerkt aan de totstandkoming van een beleidsstuk voor outreach. Dat dit niet is vastgesteld, hangt samen met onze bestuurlijke perikelen. Maar er is in de tussentijd meer gedaan dan alleen geprobeerd beleid te ontwikkelen. Zoals de succesvolle seminar-weekends, ondersteuning van outreach activiteiten voor jongeren in Amsterdam, Leiden en Bussum en ondersteuning voor het Shabbat Project.

Rechtstreeks doorgestroomd

Intern is er het een en ander veranderd. We hebben afscheid genomen van de NIK-rabbijn rav Raphael Evers die in Duitsland opperrabbijn is geworden. Er is een jonge jeugdwerker gekomen rechtstreeks doorgestroomd vanuit zijn positie als rosj van het Tikwatenoe machanee. Henny van het Hoofd is voor vijftig procent van haar werktijd actief als decaan van het seminarium waar zij aan het opleidingsinstituut nieuw élan weet te geven. Voor de andere helft blijft zij werkzaam aan onderwijsprojecten en verzorgt ze de coördinatie van ruim 30 mensen die Joodse les geven.

Bewonderenswaardige Joodse Gemeente-bestuurders

In deze bestuursperiode zijn we aan het begin ervan bij de kehillot op bezoek geweest, in Zwolle, Arnhem, Leiden en Rotterdam hebben we gesproken met de bestuursleden. Het is bewonderenswaardig om te zien hoe zij zich dag in dag uit inzetten voor het welzijn van hun kehilla. De Joodse Gemeente-bestuurders plegen een niet te onderschatten inspanning die met grote toewijding gepaard gaat. Daarnaast is de NIK-secretaris in tal van kehillot geweest, van Middelburg en Rotterdam tot Leeuwarden en Groningen, en van Heemstede en Den Haag tot Twente en Arnhem, en binnen Amsterdam de sjoelgemeenschappen van CIZ-sjoel tot Gerard Doustraat en van Sjoel West tot Amstelveen. Hij heeft voor de Joodse feestdagen zoals Soekot, Chanoeka, Toe Bisjewat en Poerim inspirerende artikelen geschreven.

Wekelijkse comnunicatie

Ook in het dagelijks leven heeft het NIK vernieuwingen gerealiseerd. Binnenkort is het Pesach. Het NIK heeft een hagada met vertaling en transcriptie gemaakt, die bij kehillot gretig aftrek vindt. Ook uit Vlaanderen is er interesse voor. De jaarlijkse Pesach-brochure gaat digitaal mee met het NIK Weekbericht. De wekelijkse communicatie via het Weekbericht trekt steeds nieuwe abonnees, en de uitstraling ervan is in een nieuw jasje gestoken. We hebben nu een aantal keren artikelen van het Weekbericht en van de site gebundeld in een eenvoudig magazine NIK, Mijn Jodendom. Het blijkt dat kennisnemen van het NIK nieuws in gedrukte media nog steeds op waardering kan rekenen.
De app IsitKosher is mede door het NIK tot stand gekomen en bevat kasjroetinformatie van onze Nederlandse Kasjroetlijst en van tal van andere landen. Ook de achterkant van de Kasjroetlijst, de database met geoorloofde producten, is verbeterd. In de Kasjroetlijst van afgelopen najaar zijn honderden nieuwe producten toegevoegd. Onze medewerkers doen hard hun best om langs nieuwe innovatieve wegen deze trend verder door te zetten.

In de krijgsmacht en in gevangenissen

Voor joden in gevangenissen en voor joden in de krijgsmacht is er bijzondere geestelijke verzorging. Om dit in stand te houden, vergt voortdurende inzet. Ook deze mensen hebben recht op hun Jodendom, aangeboden door geestelijk verzorgers die door het NIK worden gezonden. Deze dienstverlening is voor de overheid geen blijvende vanzelfsprekendheid. Door het NIK is er tussen 2014 en nu steeds aan gewerkt en veel tijd in gestoken, met als resultaat behoud van het aanbod aan Joodse geestelijke verzorging.

Veel te doen, maar niet alleen

Wat het NIK betreft is er juist veel te doen. Door het NIK, maar niet alleen. Het NIK wil graag samenwerken, in coalitions of the willing. Die coalities gaan we graag aan, binnen NIK-verband en net zo goed daarbuiten. Het is een bestuurlijk tumultueuze tijd maar er is ook veel bereikt.
En nog even over de aan het pluche vasthoudende bestuurders: nee, dat doen ze niet. Ze zijn door de Centrale Commissie, het toezichthoudend orgaan, gevraagd om tot het einde van deze bestuursperiode aan te blijven. Daarvan is het einde wel bijna in zicht.

Reacties zijn gesloten.