In een jaar waarin er zoveel aandacht wordt besteed aan de geboorte van de grote meester, vierhonderd jaar geleden, vraag ik mij af; wat zou Rembrandt voor Rosj Hasjana hebben gezegd?
Rabbijn S. Katzmann, Den Haag
Voor de liefhebbers staat Rembrandt bekend als de meester van licht en donker. Of het zijn de bekende schilderijen ‘het Joodse bruidje’ en ‘de Nachtwacht’ of de minder bekende zelfportretten en dergelijke; de sterke contrasten van licht en schaduw zijn opvallend. Ik geef u geen uitgebreide analyse van deze schilderstijl. Met u samen wil ik even stilstaan bij de betekenis van juist de schaduw. Het spreekt voor zich dat, door het licht op een of ander aspect te leggen, de nadruk hierop wordt gevestigd.
De schaduw, daarentegen, lijkt een verhullend effect te hebben. Onzichtbaar maken bijvoorbeeld, van de ingevallen rechterwang van de schilder. Met de schaduw verbergt de kunstenaar, met licht draagt hij kennis over. Zo lijkt het tenminste. Bij nader inzien kan worden gezegd dat de schilder met de schaduw net zo bezig is met onthullen als met licht. Door op kunstige wijze de schaduw strategisch te plaatsen, heeft de schaduw een onmisbaar effect. Het is waar dat de schaduw bepaalde details ‘verbergt’; toch ‘belicht’ hij het onderwerp in zijn geheel. Met de juiste toepassing dient de schaduw om het licht beter te kunnen waarderen.
Tijden van licht en tijden van ‘schaduw’
In het achter ons liggende jaar waren er momenten waarop het licht meer dominant was, en soms overheerste de schaduw. Als volk hebben wij in onze geschiedenis die omschakeling menigmaal door moeten maken. Vandaag de dag, met onze aandacht gevestigd op de veiligheidssituatie in Israël, zou men wellicht kunnen zeggen dat het laatste in de meerderheid is.
We worden vrolijk wanneer we denken aan de wonderlijke ontwikkeling die zo’n klein landje heeft kunnen maken.Wij worden verdrietig wanneer we denken aan de duizenden slachtoffers van terreur en oorlog die zijn gevallen.We zingen met blijheid samen met de triomfantelijke bevrijders van de gegijzelden in Entebbe, dertig jaar geleden, alsook de andere onvoorstelbare overwinningen.Wij lamenteren met pijn Yoni Netanyahu, samen met de talloze anderen, die wel het gevecht, maar niet de zege hebben meegemaakt. Ons hart wordt vervuld met zorg wanneer wij denken aan Gilad Shalit en de andere gevangenen genomen soldaten. ‘Rembrandt op Rosj Hasjana’ zou misschien hebben gezegd: “Je moet het leven met een oog voor kunst bekijken”. In zekere mate is dat ook waar.
Wij waarderen de zegen van de overwinning nog meer, als wij op de hoogte zijn van hoe moeilijk de strijd was. De negatieve momenten kunnen in een positief daglicht worden gesteld, ze kunnen dienen om de nadruk op het licht te versterken.
Het contrast stelt ons ook in de gelegenheid om het licht beter te waarderen.
Nog meer licht
In de Joodse wereldvisie wordt de tocht door tijd niet gezien als een rechte lijn, maar meer als een spiraal. Het woord ‘sjana’ (dat ‘jaar’ betekent) is verwant aan het woord ‘sjone’ dat ‘herhaling’ en ‘verandering’ betekent. De cyclus van het jaar brengt eigenlijk niets nieuws met zich mee; op 1 tisjrie vorig jaar was het Rosj Hasjana, dit jaar zal het ook zo zijn en wij verwachten dat zich volgend jaar hetzelfde zal voordoen.
Toch is onze jaarlijkse ontmoeting met het ‘hoofd-van-het-jaar’ anders dan die daarvoor. Wij zijn immers hoger op de spiraal terecht gekomen. Er is dus wel een herhaling, maar toch is alles anders. Verandering moet ook verbetering met zich mee brengen.
’Ma’alin Bakodesj’ = ‘Heiligheid stijgt!’
Hoe goed het afgelopen jaar ook moge zijn geweest, het nieuwe jaar moet nog beter zijn. Dat zijn voornemens in ons eigen gedrag, dat is ook onze bede voor zegen van Hasjem. Dus, mijnheer Rembrandt van Rijn, het is wel mooi op de schilderijen, maar in het echte leven hebben wij het toch liever wat anders. Uiteraard is er een functie, ook in de donkere momenten. Het klopt dat door het contrast het licht beter kan worden gewaardeerd. Maar voor simche, voor echte vreugde, is veel licht nodig. Hoeveel? Je kan er niet genoeg van hebben! Wanneer wij aan de toekomst denken, spreken wij de woorden van Tehillim (139;12) “De nacht zou oplichten als de dag, het duister helder zijn als het licht.”
Mede namens mijn familie wens ik u en de uwen een jaar vol licht.
- Rabbijn Shmuel Katzman is rabbijn van de Joodse Gemeente Den Haag.
[Dit Rosj Hasjana-artikel werd medio juli 2006 geschreven, aan het begin van de vijandelijkheden tussen Israel en Hezbolla.]