Wapen Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap na bijna 200 jaar opnieuw geschilderd

Het NIK heeft een eigen wapen. Het recht om dit te voeren is toegekend kort na de oprichting van het kerkgenootschap in 1814. Met het oog op het 200-jarig bestaan van het NIK in 2014 is besloten het wapen opnieuw uit te laten voeren. Het wapen is in juni 2013 opnieuw geschilderd door wapenschilder Piet Bultsma, wapentekenaar van de Hoge Raad van Adel. Voorafgaand daaraan is overleg gevoerd met de Hoge Raad van Adel, dat het nieuw getekende wapen in zijn collectie heeft opgenomen.

Ruben Vis, secretaris Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap

Wapen Ned Israëlitisch Kerkgenootschap 2013In 1817 kreeg het kerkgenootschap het recht een wapen te voeren dat bestaat uit, zoals in het besluit omschreven: een gouden gekroonde leeuw op een rood veld, in de ene klauw voerend een bundel pijlen en de andere klauw vasthoudend een hemelsblauw schild met daarop in wit de davidster. Een bijzonderheid is dat het Kerkgenootschap in de rand het koninklijk wapen der Nederlanden in het klein, voert. Daarmee doet zich de uitzonderlijke situatie voor dat het NIK in zijn wapen ook het rijkswapen draagt. Waarschijnlijk een unicum in de Nederlandse heraldiek.

 

Elementen

Een wapen is opgebouwd uit elementen. Waar zijn de onderdelen van het NIK-wapen aan ontleend? Zoals ook in het algemeen het geval was bij de omschrijving van wapens aan het begin van de 19e  eeuw geeft ook de omschrijving in het instellingsbesluit voor het NIK-wapen weinig duidelijkheid over de herkomst van de elementen. Maar we kunnen wel teruggrijpen op oudere wapens en mogelijk is bij het instellingsbesluit ook gedacht aan Bijbelse woorden. Het gaat immers om een religieuze organisatie in een tijd dat religie in het openbare leven een grote rol speelde.

 

Gouden gekroonde leeuw op rood veld

De gouden gekroonde leeuw op een rood veld, die een bundel pijlen (en in de andere klauw een zwaard) voert, vinden voor het laatst terug in het eerste en derde kwartier van het wapen van de souverein vorst Willem Frederik.

Bij proclamatie van 2 december 1813 verklaarde Willem Frederik zich bereid het souverein vorst-schap te aanvaarden. Binnen zes weken, op 14 januari 1814, neemt prins Willem Frederik een besluit hoe zijn wapen als souverein vorst van de Verenigde Nederlanden er uit ziet. Nog weer zo’n zes weken later al, n.l. bij besluit van 26 februari 1814, wordt het kerkgenootschap ingesteld. Dus ten tijde van het souverein vorst-schap van Willem Frederik.

Op 29 maart 1814 werd hij als Souverein Vorst ingehuldigd en uiteindelijk op 24 augustus 1815 als koning Willem I. Dan neemt hij het wapen van Nassau dat het hartschild vormde van zijn souverein vorst-wapen, vermeerdert dat met de kroon en het zwaard en de pijlenbundel van de Verenigde Nederlanden leeuw en maakt dit tot het rijks- en koninklijk wapen. Met een kleine aanpassing door koningin Wilhelmina in 1907 is het tot op heden het wapen van Nederland. Modern gestileerd wordt het sinds 2007 door alle instanties van de rijksoverheid als beeldmerk gevoerd.

Het instellingsbesluit van het NIK-wapen dateert van 1817. Dus inmiddels onder koning Willem I, maar het instellingsmoment van het kerkgenootschap lag in 1814. Toen was Willem I nog ‘slechts’ souverein vorst die in zijn wapen de gekroonde gouden leeuw met zwaard en pijlen op een rood veld droeg. Mogelijk dat in 1817 voor het wapen van het kerkgenootschap is teruggegrepen op die gekroonde gouden leeuw met (zwaard en) pijlenbundel  op een rood veld.

De gouden gekroonde leeuw met zwaard en pijlenbundel op een rood veld, die Willem Frederik in zijn souverein vorst-wapen voerde, is het wapen van de republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, dat voor het eerst voorkomt in 1516. De bundel met pijlen duidde op de eenheid van de verenigde Nederlandse gewesten.

De pijlenbundel in het NIK-wapen kan ook verwijzen naar Psalm 127: als pijlen in de hand van een held, zo zijn de kinderen van de jeugd.

Misschien is het gebruik van de gouden leeuw op het rode veld in het wapen van het kerkgenootschap een verwijzing naar de periode van de Republiek der Verenigde Nederlanden, toen rond 1600 de eerste Joden de vestiging van de nu nog steeds bestaande Joodse bevolkingsgroep in de Nederlanden vormden. Juist die bijzondere staatsstructuur bood de ruimte aan de in eerste instantie Portugese en kort daarna Asjkenazische Joden om hier hun religie in vrijheid te kunnen beleven.

 

Ingelijst wapen NIK juli 2013Oprichtend

De leeuw op het rode veld richt zich op. In de heraldiek kennen we ook de liggende leeuw. Zoals in het wapen van Engeland, of vandaag waarschijnlijk bekender: de oranje liggende leeuw van de ING bank.

De keuze voor een zich oprichtende leeuw kan verwijzen naar de profetie van de niet-joodse profeet Bileam (Bilam) over het Joodse volk in de woestijn, die zegt: Zie een volk dat zich als een leeuw verheft.

 

Omziend

De leeuw zoals we deze in de uitvoering kennen is omziend; hij kijkt als het ware achterom. In de beschrijving staat niet of deze leeuw omziend, klimmend (zoals in het rijkswapen) of liggend, is. De omschrijving laat het in het midden. De leeuw van de Verenigde Nederlanden en ook van Willem Frederik was niet omziend. Omziend duidt heraldisch op een breuk met het verleden. De instelling van het kerkgenootschap in 1814 met daaronder ressorterende lokale Joodse Gemeenten, geldt inderdaad als een organisatorische breuk met het verleden.

 

Blauw met zilverwit

Waar de (zilver)witte davidster op het blauwe veld vandaan komt is niet duidelijk. De combinatie blauw met wit vinden we in de vlag van Israel en de zilveren menora op het blauwe veld als wapen van de staat Israel. Maar deze dateren uiteraard van veel latere datum. De staat Israel van 1948 en de georganiseerde zionistische beweging van de laatste decennia van de negentiende eeuw, terwijl het wapen van het kerkgenootschap van het begin van de negentiende eeuw dateert.

Wel schrijft het besluit van 1817 dat het gaat om: “een hemelsblauw schild met een witte dubbele driehoek, of het zogenaamde schild van David, het gewoon sigillum der Israëlitische gemeenten”. Maar het is de vraag of ‘het gewoon sigillum …’ ook duidt op de kleurstelling blauw met wit.

De oudste gekleurde uiting van de Davidster is de vlag die was toegekend aan de Joodse Gemeente in Praag door Karel IV in 1357: een gele of gouden davidster op een rood veld.

 

Koninklijk wapen

Het koninklijk wapen der Nederlanden in het klein dat het kerkgenootschap mag dragen, is het wapen van Nederland zonder schilddragende leeuwen er naast. Het gaat om het toenmalige wapen in het klein zoals in 1817 gold. Het wapen in het klein dat nadien, in 1907, is vastgesteld wijkt op een enkel punt, n.l. de vorm van de kroon op de kop van de leeuw, daar van af.

Reacties zijn gesloten.