NIK verwelkomt extra zorg van minister voor Joodse begraafplaatsen

Minister Ingrid van Engelshoven van cultuur stelt een bedrag van € 2,5 miljoen beschikbaar voor het onderhoud en de restauratie van Joodse begraafplaatsen. Dat heeft de minister in een brief aan de Tweede Kamer bekend gemaakt.

De afgelopen periode zijn er gesprekken gevoerd met het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap, op basis waarvan de minister heeft vastgesteld dat er extra zorg nodig is voor verweesde begraafplaatsen. Joodse begraafplaatsen zijn vaak nog het enige restant van de Nederlands-Joodse cultuur, die in 1940-1945 grotendeels is vernietigd. Het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap en het ministerie van OC&W ontwikkelen nu een plan om invulling te geven aan de extra zorg die nodig is. Met name ‘vergeten’ begraafplaatsen of begraafplaatsen met een bijzonder karakter zullen in het vijf jaar durende project worden meegenomen.

Joodse begraafplaatsen vormen stuk voor stuk een monument van het Jodendom dat sinds vierhonderd jaar onafgebroken in Nederland bestaat. Deze begraafplaatsen vormen de stille getuigen van veelal verdwenen Joods leven in een stad, dorp of regio. Het NIK is verheugd dat de minister van OC&W er aan hecht om dit Joods cultureel erfgoed opnieuw op de kaart te zetten. De Joodse begraafplaatsen in stad of dorp zijn tegelijk een uiting van de Joodse cultuurgeschiedenis alsmede een onderdeel van de lokale of regionale cultuurgeschiedenis.

Vorig jaar al maakte de minister in haar cultuurbrief Erfgoed Telt duidelijk dat het kabinet het belang van dit erfgoed erkent, ook omdat deze plekken vaak verbonden zijn met een krachtige waarschuwing voor het heden en een boodschap voor de toekomst.

Reacties zijn gesloten.