De totstandkoming van een nieuw gebedenboek voor sjabbat en door de week – Digitaal; Siddur Schma Kolenu; Experimenteren

Het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap geeft een nieuw gebedenboek uit, een sidoer voor sjabbat en voor door de week, in één band, met als titel: Chemdat Jamiem / Sjesjet Jamiem. Het gebedenboek is geredigeerd en geordend door Ruben Vis. Over de totstandkoming ervan schreef hij een verantwoording, dat in feuilleton-vorm verschijnt. Deze week kijken we naar de digitaliseringsproblemen, de betekenis van het op de markt komen van een Zwitserse sidoer en naar het experimenteren met digitaal sidoer-materiaal.
Reageren? Stuur een e-mail naar info@nik.nl
Wil je de nieuwe sidoer aanschaffen? Ga naar WIZO Giftshop.

Digitaal

Er is contact gezocht met drie grote buitenlandse sidoer-uitgeverijen: Mesorah ArtScroll, Feldheim en Koren. Geen van hen bleek bereid, in staat of geïnteresseerd om een Nederlandse sidoer te maken of met ons een Nederlandse sidoer te maken tegen een zodanige prijs dat er ook een aanvaardbare verkoopprijs per boek uit zou rollen. Nadeel was ook dat zij en niet wij over het digitale materiaal zouden beschikken en het dus zonder de boekuitgever bijzonder moeilijk zou worden om afleidingen te publiceren van de te maken sidoer. Later zou blijken dat dit geen onrealistisch probleem zou zijn geweest. Een boekje voor de avond van de treurdag van Tisja Beaw, of een sidoer voor alleen sjabbat, sidoer Chemdat Hajamiem, had daardoor niet in eigen beheer en als eerste druk in een kleine oplage tot stand kunnen komen.

Ook bij onze broeders en zusters van de Portugese gemeente in Amsterdam is op diverse fronten gewerkt aan de publicatie van nieuwe gebedenboeken. Dit heeft geresulteerd in een Koren-versie van de sidoer voor Sjabbat met Choemasj, beide naar Amsterdams-Portugese ritus, in één band (2017). Het resultaat van het hele proces is daarmee in handen van de uitgeverij Koren gekomen. Koren hanteert een heel eigen lettertype en een heel eigen lay-out, dat moet worden gevolgd. (De RCA sidoer Avodat Halev die in het najaar van 2018 door Koren is uitgegeven is de eerste Koren-sidoer die niet de typische Koren-letter gebruikt.) Om verder zelfstandig afgeleide publicaties te maken, moet vanuit aan Koren aangeleverd materiaal worden gewerkt.

Siddur Schma Kolenu

We hebben moeten wachten totdat er een digitale versie van de sidoer beschikbaar kwam die dicht bij onze noesach ligt en een hoge graad aan betrouwbaarheid heeft. De Siddur Schma Kolenu heeft beide elementen. Het is vrijwel onze noesach en de makers hebben de tekst minutieus doorgenomen. Dit blijkt uit hun ambitie om de uitgesproken stomme e-klank (sjeva na) overal vet te maken. Dit is alleen met de hand te bereiken wat betekent dat de Schma Kolenu letter voor letter is beoordeeld.

Er is in 2010 contact gezocht met de uitgever van de Schma Kolenu sidoer, Morascha Verlag in Bazel. De in Zwitserland gehanteerde noesach hatefilla (gebedstraditie) is de noesach die vrijwel overeenkomt met de Nederlandse. Edouard Selig, de uitgever van de Schma Kolenu beoogde ook met zijn publicaties een moderne versie te maken van de vooroorlogse Duitse Rödelheim gebedenboeken. Gebedenboeken die naast de Nederlandse gebedenboeken veel in de sjoels bij ons werden en worden gebruikt omdat ze vrijwel gelijk zijn aan onze noesach.

De Schma Kolenu sidoer hanteert de traditie van West-Asjkenaz, de traditie van het Duitsland tot de oorlog, van de gebedenboeken die in het plaatsje Rödelheim bij Frankfurt am Main werden uitgegeven en tot de dag van vandaag in Zwitserland worden herdrukt. Ook voor de Rödelheim-boeken geldt dat deze niet digitaal bewerkbaar zijn. Ze werden en worden met slechts heel kleine aanpassingen nog steeds herdrukt volgens het ontwerp zoals het in de negentiende eeuw is gemaakt. Wat dit betreft zaten we met de Aresjet Sefatajiem in hetzelfde schuitje als de Duitse gebedenboek-gebruikers en waren we net zo ver als Jitschak Dasberg was zo’n veertig jaar geleden.

Selig wist zijn plaatsgenoot die de Rödelheim-sidoer uitgeeft er niet van te overtuigen om de Rödelheim in een nieuwe lay-out te gaan uitbrengen, waarop hij besloot dan maar zelf aan de gang te gaan. Selig startte een uitgeverij die hij waarschijnlijk niet toevallig de naam gaf van de uitgeverij van de Rinat Jisraël: Morascha. Het wachten was op het gereedkomen van de digitaal vervaardigde sidoer waarmee Selig bezig was. Zodra die klaar was, hebben wij bij Morascha de Schma Kolenu digitaal aangekocht.

De Sjabbatsidoer die eind 2013 verscheen heeft het digitale Hebreeuws van de Schma Kolenu. Ook het boekje dat het NIK in juli 2014 voor de avond van Tisja Beaw heeft gemaakt, heeft teksten van de Schma Kolenu. In beide gevallen aangepast naar de Nederlandse traditie qua spelling, volgorde en het invoegen van ontbrekende stukken.

Experimenteren

Doordat met de aankoop van het Schma Kolenu-bestand eindelijk het Hebreeuws digitaal beschikbaar was gekomen, leek de sky welhaast de limit te worden, wat tot gevolg had dat er uitvoerig werd geëxperimenteerd door een team bestaande uit de rabbaniem I. Vorst en R. Evers en de heer dr. K. Jongeling. Het team stond onder leiding van het toenmalige PC-lid drs. P.G. Luzac. Zij hebben veel werk verricht. Onder meer is overwogen om de tekst van het Hebreeuws en het Nederlands op één pagina naast elkaar te plaatsen, waardoor er dus twee kolommen en kortere zinnen op een pagina zouden komen. De sidoer Imre Lev van Wagenaar heeft dit, maar niet consequent.

Rabbijn Vorst opperde om een lineaire vertaling te maken, waarbij dus naast iedere regel Hebreeuws op de tegenoverliggende bladzijde een regel met de Nederlandse vertaling ervan zou staan. Er is nagedacht om, hetzij op één pagina hetzij over twee naast elkaar liggende pagina’s, het Nederlands rechts en het Hebreeuws links neer te zetten, in plaats van Hebreeuws rechts en Nederlands links. Van de laatste beide ideeën zijn we uiteindelijk afgestapt. In het boekje voor Tisja Beaw hebben we het wel gedaan. Daar staat het Hebreeuws links en het Nederlands rechts. Het boekje is gemaakt als PDF en met het idee dat het alleen digitaal zou verschijnen, dus te gebruiken op een smartphone of tablet, waardoor je er voor kunt kiezen om het Nederlands niet op je scherm zichtbaar te laten zijn. De Sjabbatsidoer heeft het Hebreeuws links op de pagina en de transcriptie rechts, zodat in het midden een rechte lijn ontstaat.

Ook was het idee om onderaan de pagina ruimte te creëren voor commentaar op de gebeden. Korte gedachten die verheldering zouden bieden. Ook hiervan is afgezien, omdat het te veel ruimte zou vergen, complicerend zou werken bij de lay-out en dergelijke commentaren ook op een andere manier de lezer kunnen bereiken – denk aan allerlei digitale platforms, waarop steeds nieuwe commentaren kunnen worden geplaatst in plaats van een eenmalige keuze voor een commentaar dat gedrukt zou worden.

Dan was er het idee om aan het einde van het gebedenboek een overzicht met voorschriften en gebruiken op te nemen, zoals ook in de Rinat Jisraël en de sidoeriem van ArtScroll en Koren is te vinden.

Reacties zijn gesloten.