Minister en religieuze organisaties: eigen protocollen leidend bij het organiseren van erediensten

Bij de bestrijding van de covid19 epidemie kunnen de religieuze organisaties op basis van hun eigen protocollen blijven handelen wat betreft hun religieuze bijeenkomsten waaronder de sjoeldiensten. Dit hebben minister Grapperhaus en vertegenwoordigers van organisaties waarvan de religieuze gemeenschappen deel uitmaken, besloten. Het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap is lid van CIO – Interkerkelijk Overleg in Overheidszaken.

Naast CIO waren de andere deelnemende organisaties aan het overleg met de minister de moslimkoepel (CMO), de Hindoeraad en de Boeddhistische Unie. Insteek is dat mocht de pandemie weer aanwakkeren, maar ook nu, religieuze gebouwen niet worden betreden door de overheid. De religieuze gemeenschappen zijn hiermee zelf expliciet verantwoordelijk voor de eigen gebouwen/locaties waar men bijeenkomt als geloofsgemeenschap.

De religieuze gemeenschappen zullen zich bij hun erediensten zoveel mogelijk houden aan de richtlijnen van het RIVM en navolging bevorderen bij hun achterban. Ten aanzien van gemeenschappelijk zingen kondigde de minister nog een nader advies van het RIVM.

De minister sprak complimenten en dank uit aan de religieuze organisaties, dat zij in de afgelopen maanden zeer prudent hebben gehandeld. Grapperhaus heeft herhaaldelijk ook buiten dit overleg contact gehad met de diverse geloofsgemeenschappen. Voor Pesach en voor Sjavoeot heeft hij een videoboodschap gemaakt voor de Joodse gemeenschap dat door het Centraal Joods Overleg is verspreid.
Grapperhaus: “Op het hoogtepunt van de coronacrisis hebben vele geloofsgemeenschappen uitsluitend op afstand met elkaar hun geloof kunnen vieren. Ik heb veel bewondering voor de wijze waarop dat is opgepakt. De steun naar elkaar en van elkaar heeft bijgedragen deze moeilijke periode door te komen. Gelukkig is het in deze nieuwe fase weer mogelijk, om elkaar op verantwoordelijke wijze, te ontmoeten, ook bij de erediensten.”

De religieuze organisaties onderkennen dat zij hun eigen verantwoordelijkheid dragen bij het vieren van hun erediensten. Tegelijkertijd kunnen zij zo, binnen de huidige maatschappelijke context, hun grondwettelijk geborgde vrijheden vormgeven, nl. om op eigen wijze hun levensovertuiging te belijden en daar invulling aan te geven door het houden van religieuze samenkomsten zoals sjoeldiensten en andere (religieuze) activiteiten. De verantwoordelijkheid van de religieuze organisatie bestaat er met name uit maatregelen te treffen die nodig zijn om nieuwe grootschalige uitbraken van corona te voorkomen of te beperken.

Lees HIER het gezamenlijke communiqué van minister en religieuze organisaties

Reacties zijn gesloten.